Raquel Maulwurf
(AMC Magazine, 2015)
Wie het heelal in kijkt, komt vanzelf oog in oog te staan met een
grootsheid die niet te bevatten is. Wat te denken van het 'niets'
van voor de oerknal, hoe kan alles daaruit ontstaan zijn? In het
boek Einsteins Achtertuin filosoferen een vader en dochter
over de oerknal, zwarte gaten, anti-materie, over dit ongrijpbare
'niets'. Kan dat misschien een andere vorm van 'iets' zijn geweest,
namelijk een gelijkmatig en onbegrensd iets? Want juist door afbakening
zijn objecten en massa te definiëren. Heb je daarentegen een
eindeloze massa waarin alles gelijk is en nooit ophoudt, is dat
een iets dat niets is. Zo'n redenering helpt om te begrijpen. Althans,
iets...
Over onbegrijpelijke kwesties buigt ook kunstenaar Raquel Maulwurf
(1975) zich. Niet door te redeneren maar door het vorm te geven,
door onzichtbaarheden te visualiseren en te begrenzen. Het zijn
vooral de door mensen aangerichte drama's die ze tekent, over oorlog
en atoombommen, rampen die op een andere manier dan de oerknal niet
te bevatten zijn. In haar tekening Colliding Galaxies II, die het
AMC aankocht voor de kunstcollectie, is ze zich gaan verdiepen in
de kosmos. Als altijd doet ze dat in houtskool en op monumentaal
formaat, waardoor je nog meer oog in oog met haar onderwerpen komt
te staan.
In dit geval is dat een ster omringd door andere, steeds kleinere
witte stippen. Excentrische of concentrische krachten lijken aan
het werk te zijn, zich uitstrekkend tot ver voorbij de grenzen van
het tekenkarton. Alles in beeld draait rond de kern, in de greep
van die centrale lichtbron. Maar ook is het als kunstwerk een geometrisch
opgebouwde symmetrische compositie. Dat maakt dit een abstract kunstwerk
net zo goed als dat het werkelijk een detail uit de sterrenhemel
lijkt het is er niet, het is ontstaan in de fantasie van
Maulwurf.
Getekend in houtskool op museumkarton past deze tekening niet alleen
technisch in haar oeuvre, maar ook inhoudelijk. Want al lijkt deze
serene compositie onverenigbaar met welk drama dan ook, de titel
verraadt iets anders.
'Colliding Galaxies' betekent botsende sterrenstelsels, een gegeven
dat Maulwurf zag op ruimtefoto's van NASA. Ze leerde dat wanneer
sterrenstelsels met elkaar in aanraking komen, ze elkaar ofwel vernietigen,
ofwel samensmelten tot een nieuw geheel. De sterren in kwestie zijn
miljoenen jaren oud of jong, staan op miljoenen lichtjaren afstand
van elkaar, komen naar elkaar toe en draaien rondjes om zwarte gaten.
Gaswolken storten in en uit dit puin worden voortdurend nieuwe zonnen
geboren. Daarover gaat deze harmonieus uitziende tekening, legt
Maulwurf desgevraagd via de e-mail uit. De vredige aanblik vanuit
de aarde op de ruimte blijkt bedrieglijk. Ook daar is iets gaande
wat zij beschrijft als een continu proces van destructie, creatie,
en weer destructie.
Dankzij die uitleg past deze kosmische tekening in haar zwartgeblakerde
oeuvre waarin het kwaad er zo onbewogen uitziet. Het levert monumentale
tekeningen op waarmee ze al jaren hoge ogen gooit in het tentoonstellingscircuit.
Maulwurf studeerde aan de kunstacademie in Arnhem en volgde een
multimediastudie aan een technologische opleiding in Amsterdam,
waarna ze toch voor een traditioneel medium koos: tekenkunst. In
houtskool wijdde ze reeksen aan neerstortende zeppelins, aan het
bombardement op Rotterdam, aan New York 9/11.
Haar solotentoonstelling in het Stedelijk Museum Schiedam in 2007
was een omslagpunt, haar werk is sindsdien opgenomen in verschillende
museale en bedrijfscollecties. Het is te zien op beurzen wereldwijd
en op tentoonstellingen in musea, galeries en kunstruimtes in Nederland
en daarbuiten, Berlijn, Londen, Milaan, New York, Tokio. Ook dit
najaar is haar werk volop zichtbaar: met een solopresentatie op
Amsterdam Drawing bij Livingstone Gallery, van 16 tot 20 september,
als op de dubbeltentoonstelling 'Gevaar & Schoonheid
Turner en de traditie van het sublieme' waarmee zowel het Rijksmuseum
Twenthe als Museum de Fundatie in Zwolle hun culturele seizoen inluiden.
Daarbij valt altijd de grote stilte in haar werk op, misschien
te verklaren vanuit de momenten die ze verbeeldt. Bij de oorlogslandschappen
valt verlatenheid over het land doordat de strijd voorbij is, bij
de atoomexplosies zien we de paddenstoel die ontstaat juist voordat
alles instort. Andere keren is het een ongrijpbaarder, minder gedefinieerd
omslagpunt. Hoe dat precies zit met Colliding Galaxies II, is de
vraag. Ook dit kan een moment voor of na vernietiging zijn. Die
sterren die we zien, komen die samen? Gaan ze nog botsen of zijn
de stelsels al versmolten? Dijt dan alles uit, wordt het niets verder
opgerekt door het iets? Of werkt tijd hier anders door de aanwezigheid
van zwarte gaten?
Fijntjes en minutieus benadert Maulwurf steevast al die krachten
die haar zo boeien. Ook in Colliding Galaxies II heeft ze het papier
streepje voor streepje bedekt tot uit het zwart een fluwelige diepte
is ontstaan. De sterren zijn uitsparingen van de papieren ondergrond
of openwerkingen ervan: kapot geruld met een stanleymes of schuurpapier
waardoor het witte museumkarton naar boven komt. Fysiek liggen ze
hoger dan het zwart. Maar doordat wit optisch verder weg lijkt,
worden we ook hier de verte in gezogen, de getekende kosmos in.
Zo is, ondanks het dreigende geweld, ook deze voorstelling er een
van rust. En nota bene is het een thema dat haar eerdere werk relativeert.
De slagvelden, de woeste zeeën, de neerstortende zeppelins,
al die verschrikkingen vallen in het niet bij het kosmisch geweld
van sterrenstelsels. Immers, alle menselijke daden verdwergen in
de onmetelijkheid van het heelal onder het licht van die
krachten kan alles verdwijnen in opnieuw een ongrijpbaar niets.

Verschenen in het AMC Magazine, na te lezen op issuu.com
|